
Een fragment uit de eerste Spruitenpraat Theaterproductie ‘Mediea’, wiender gaat over twee vrienden die elkaar sinds lange tijd weer spreken. Superslim bedacht.
Internet: “FIRST!”
Radio: “Hallo, met de familie Ouwe Media.”
Internet: “Ownage…”
Radio: “Met de familie Ouwe Media. Je bent in de uitzending. Wie heb ik aan de lijn! lijn! lijn!”
Internet: “Goedenavond met ‘t Web. Is Televisie d’r ook?”
Radio: “Hé internet! Momentje, hij is in de woonkamer.”
(…)
Internet: “Hé Téevée, hoe is het ermee? Nog wat gedaan?”
Televisie: “Oh, ben jij het. Nou wel goed. Beetje voor de bank hangen. En jij?”
Internet: “Je kent me. Overal en nergens. Vanmiddag wat dingen rondgestuurd, voornamelijk pr0n.”
Televisie: “Goh. Echt waar. Je weet dat ik kan daar niet tegen kan.”
Internet: “Oh ja, sorry. Heb je dat filmpje al gezien? Met die nieuwslezer die zich verspreekt?”
Televisie: “Welk filmpje?”
Internet: “Dat filmpje waar die nieuwlezer gay ipv blind zegt. Ik was rofl.”
Televisie: “Nee. Ik heb de hele middag RTL-Z uitgezonden en net heb ik een kookprogramma herhaald. Heb je verder nog iets te melden ik moet zo nog naar de reclame.”
Internet: “Neuh, nie echt. Ik dacht ik bel even, gewoon even bijlullen.”
Televisie: “Juist. Ik ken die gesprekken van jou. Negen van die tien keer blijken ze gewoon over een of ander bedrijf te gaan. Je hebt wel leuke verhalen, daar niet van. Maar ik moet altijd maar gissen of het oprecht is.”
Internet: “Een viral bedoel je…”
Televisie: “Ja, zoiets. Weet ik veel. Ik neem het altijd maar van je aan. Ik voel me zo belachelijk als ik het dan doorvertel. Meestal blijkt het een week later nep te zijn.”
Internet: “Oh, das een hoax. Maar dat ken je toch wel. Jij doet exact hetzelfde. Met al je verhalen dat je een vriendin op Mtv hebt. Volgens mij bestaat zij helemaal niet. Zij is gewoon een actrice. En dan dat gelul over die donoren.”
Televisie: “Wat!? Ik zit er wel eens naast, maar jij bent praktisch constant aan het liegen! En die donorshow was een grap. Ga jíj nu ouwe koeien uit de sloot halen. Ik dacht dat jij daar een hekel aan had. Je noemt iedereen altijd een n00b die…”
Internet: “Wil je misschien je penis vergroten?”
Televisie: “Euh.. sorry?”
Internet: “Wil je misschien je penis vergroten?”
Televisie: “Oh god, gaan we weer. Ik ga je deze keer gewoon negeren. Vorige keer zat ik er aan vast en belde je me drie keer in het uur.”
Internet: “Wil je misschien je… ughe, ughe. Sorry. Me hele kop zit vol met spam. Ben een beetje verkouden.”
Televisie: “Als het maar geen virus is…”
Internet: “Denk het niet. Heb me gisterennacht nog laten checken.”
Televisie: “Ja, die docter McAfee. Das een oplichter, ik zweer het je. Ga nou eens naar Dr Phil. Die schijnt er goed te zijn.”
Internet: “Ja, ja. Zeg, als ik wat beter ben kom je dan nog eens langs. Je zegt wel telkens dat je bij me komt, maar de enige die ik tegenkom zijn HollandDoc en Politiek24. Die gasten zijn saai.”
Televisie: “Ik kom binnenkort wel een filmpje kijken. Ik heb Twelve Monkeys op donderdag.”
Internet: “LOL. Roflcopter.”
Televisie: “Wat nu weer…”
Internet: “Jongen. Je hoeft niets mee te nemen hoor. Ik heb Man_Staring_At_Goats in R5 met 14000 seeds. En anders A_serious_man, die moet nog een kwartiertje dan heb ik m binnen.”
Televisie: “Ik heb werkelijk geen idee waar je het over hebt. Maar ik kom wel langs. Moet ik nog iets anders meenemen?”
Internet: “Nee, joh. Ik heb codecs en alles.”
Televisie: “Juist ja, codecs. Nou, ik zie je binnenkort wel. We gaan eerst naar de boodschappen.”
Internet: “Yo.”
Televisie: “Dit was een telefoongesprek, goedenavond.”
wiender moet in de Van Dale.
Zsm
http://www.oostendseverhalen.be/home/13/21-voor-den-orlooge.html